2. Inclusieve en veilige stad

2.1 Sociaal Domein

Beleidsdoelen

Activiteiten

2.1.1. Basisinfrastructuur                                

1. Meer mensen functioneren zo zelfredzaam mogelijk en krijgen zo nodig hulp en ondersteuning.

1.1 Binnen de Sociale Basis Infrastructuur (SBI) wordt o.a. vanuit de informatiewinkels advies gegeven over zorg en ondersteuning. Hierbinnen is specifiek aandacht voor bijvoorbeeld ouderen en mensen met een beperking. Daarnaast biedt Indebuurt033 in samenwerking met haar partners ook een breed aanbod aan collectieve ondersteuning aan mantelzorgers, vrijwilligers en bewonersinitiatieven.
1.2 De afgelopen periode heeft ons herbevestigd dat de ondersteuning thuis van vitaal belang is. Bij zelfredzaamheid hoort waar nodig het krijgen van beschikbare ondersteuning in de vorm van begeleiding, hulpvoorzieningen en mantelzorg. Wij willen mantelzorgers nog beter bereiken om ze te helpen bij het geven van ondersteuning aan hun naasten. Dat geldt voor mantelzorgers van alle leeftijden, maar ook voor vrijwilligers die hun tijd beschikbaar stellen voor kwetsbare groepen.

2. Meer ouderen en inwoners met een beperking wonen (langer) zelfstandig.

2.1 We geven uitwerking aan het programma ‘Wonen en zorg’. Dit programma is gebaseerd op het statement Amersfoort een Thuis voor iedereen. Zie verder programma 1.3 Wonen.

3. Meer sociale cohesie in buurten en wijken.

3.1 Buurtnetwerkers en jongerenwerkers zetten zich continue in om de sociale cohesie te vergroten. Ze stimuleren en ondersteunen eigen initiatief daartoe. De corona-periode toont aan dat de bereidheid tot ondersteuning en sociale cohesie aanwezig is in de Amersfoortse wijken.
3.2 Inwoners dragen zelf bij door activiteiten op te zetten, waar nodig met financiële ondersteuning vanuit de Subsidieregeling Projecten#Indebuurt. Buurtbesturen, bestaande uit inwoners en professionals, stimuleren de betrokkenheid van inwoners en adviseren over de aangevraagde initiatieven.
3.3 Daarnaast organiseren ook de samenwerkende organisaties verbindende activiteiten in verschillende wijken. Voorbeelden hiervan zijn de Gezonde Wijkaanpak en de aanpak Vreedzame wijken (Liendert en Schuilenburg).
3.4 Het jaar 2021 is het jaar van de vrijwilligers. Vrijwilligers maken het organiseren van allerlei activiteiten in de wijken en in de buurten mogelijk en duurzaam. Wij gaan het belang van deze informele inzet dit jaar extra benadrukken.  

4. Meer jeugdigen ontwikkelen zich optimaal.

4.1 Jongerenwerkers spelen een belangrijke rol in het stimuleren van jongeren om eigen initiatieven en ontmoetingen te organiseren. Daarbij werken zij nauw samen met bijvoorbeeld scholen en buurtsportcoaches.
4.2 Tegelijkertijd zijn de jongerenwerkers een belangrijke partner voor de politie als het gaat om de openbare orde in de wijken. Uitgangspunt is dat jongeren in de openbare ruimte moeten kunnen bewegen en ontmoeten, maar wel binnen de daarvoor geldende normen. Daar waar die overschreden worden voeren we als eerste  goed overleg. Daarvoor zijn de jongerenwerkers belangrijk. Als overleg niet werkt treden de handhavers op.
4.3 De jongerenwerkers spelen ook in de overgang tussen welzijn en zorg een belangrijke rol doordat ze vanuit hun vertrouwensband lichte begeleiding kunnen bieden aan jongeren. Daarmee voorkomen ze mogelijk dat jongeren afglijden naar intensievere vormen van zorg. Met o.a. de verwijsindex als instrument bedienen we professionals in een snel en effectief netwerk rondom de zorg van de jeugdige (leeftijd 0-23). Zodat hij de zorg, hulp of bijsturing krijgt die hij nodig heeft om zich te ontwikkelen tot een volwassene en wel op een zo vroeg mogelijk moment.
4.4 Met het oog op de doorontwikkeling van het preventiebeleid doen wij mee aan het beleidsvormend leertraject, een initiatief van het Trimbos Instituut en het NJI, waarin verkend wordt of de succesvolle aanpak, ontwikkeld in IJsland, bij ons toegepast kan worden. De basis van het IJslands preventiemodel is regelmatige monitoring van beschermende en risicofactoren  die een rol spelen bij middelengebruik onder jeugdigen.  Met de informatie die dit oplevert krijgen gemeente en stakeholders handvatten om gericht risico’s terug te dringen en beschermende factoren te versterken. Hoewel het preventiemodel is gebaseerd  op het reduceren van middelengebruik onder jeugdigen kan en wordt het ook toegepast op een breed scala van gezondheids- en welzijnsvragen.  

5. Minder mensen zijn sociaal geïsoleerd of eenzaam.

5.1 Ontmoeting en activiteiten in de wijk versterken de sociale verbanden. Veel inwoners maken gebruik van de Subsidieregeling Projecten#Indebuurt om ontmoetingen voor mensen in een sociaal isolement op te zetten. De lopende corona-periode in 2020 toont aan dat de sociale verbanden werken in tijden van nood. Bij IndeBuurt033 hebben zich meerdere initiatieven gemeld voor praktische ondersteuning van mensen die lastig de deur uit konden. We willen leren van deze periode met oog op het gebruik van de regeling in 2021.
5.2 Daarin betrekken we onze aanpak om eenzaamheid te voorkomen. In 2019 hebben we de landelijke actie 'Één tegen eenzaamheid' ondertekend. Via deze actie vragen we aandacht voor eenzaamheid onder alle leeftijdsgroepen en willen we er voor zorgen dat de vele initiatieven die er zijn met elkaar verbonden zijn en bekend zijn bij de inwoners. Dit doen we samen met betrokken partijen als Indebuurt033, de ouderenbonden en anderen.
5.3 In 2020 is het ondersteuningsbeleid voor de wijkcentra geëvalueerd. In 2021 vindt besluitvorming plaats. Hierbij betrekken wij de gevolgen van de maatregelen in verband met corona. Deze hebben impact op het fysiek organiseren van ontmoeting binnen een wijkcentrum.   

6. Meer mensen zijn in staat gezond te leven.

6.1 We gaan door met uitbreiding van de Gezonde Wijk en toepassing van Positieve Gezondheid voor het vergroten van gezondheid(svaardigheden) van inwoners die daarin risico lopen. Bijzondere aandacht is er voor samenwerking met andere (zorg)partijen, de gezondheidscheck, luchtkwaliteit en de invoering van de omgevingswet. De gezondheidssubsidie voor inwoners (en professionals) is opgenomen in de subsidieregeling projecten#Indebuurt.

7 Meer mensen helpen elkaar of zien naar elkaar om.     

7.1 Via de subsidieregeling projecten#Indebuurt kunnen inwoners subsidie aanvragen om initiatieven op te starten voor hun buurtgenoten. Ook in 2021 verwachten wij zo'n 400 initiatieven.

8. Meer organisaties en werkgevers zijn betrokken bij maatschappelijke vraagstukken.

8.1 Gemeente betrekt organisaties en werkgevers en waar mogelijk inwoners (ervaringsdeskundigen) actief bij opstellen en uitvoeren van beleid. Dit vindt in 2021 onder meer plaats bij de uitvoering van het meerjarig beleidskader sociaal domein, vanuit het werkbedrijf, bij de invulling van de inburgeringsopgave en bij de implementatie van beleid rond de doelgroepen personen met ernstige psychiatrische aandoening en personen met verward gedrag.
Indebuurt033 heeft de opdracht om vanuit haar regierol relevante (informele) organisaties te betrekken bij maatschappelijke vraagstukken.

2.1.2 Ambulante zorg en ondersteuning, inclusief wijkteams

1. Meer mensen functioneren zo zelfredzaam mogelijk en krijgen zo nodig hulp en ondersteuning.

2. Meer ouderen en inwoners met een beperking wonen (langer) zelfstandig.

                                                                     3. Meer mensen zijn sociaal weerbaar.
4. Meer jeugdigen groeien op in een veilige en positieve gezinssituatie.
5. Meer jeugdigen ontwikkelen zich optimaal.

Stichting Wijkteams Amersfoort is een algemene voorziening waar alle Amersfoorters terecht kunnen voor hun hulpvragen. De wijkteammedewerkers kijken naar de vraag achter de vraag, bieden zelf (kortdurende) ondersteuning en geven indien nodig toegang tot de specialistische jeugd- en maatschappelijke ondersteuning. Zij helpen de hulpvrager bij het maken van een samenhangend stappenplan om te komen tot passende participatie in de samenleving, waardoor inwoners zich (weer of meer) gezond gaan voelen. De krachten en mogelijkheden van het netwerk van de hulpvrager worden maximaal ingezet om de hulpvraag op te lossen.
SWA is aanwezig waar de doelgroep is: bijvoorbeeld op school en bij de voedselbank. Wijkteammedewerkers voeren de gesprekken bij de inwoner thuis.  
Wijkteams werken nauw samen met huisartsen, scholen en de jeugdgezondheidszorg (GGDrU), om in een zo vroeg mogelijk stadium vragen op te  pakken. Met deze aanpak wordt voorkomen dat problemen van (groepen) inwoners verergeren.
De wijkteams krijgen meer ruimte om de begeleiding effectiever en efficiënter in te regelen. De insteek is dat wijkteams zoveel mogelijk gebruik maken van het netwerk van inwoner zelf, SBI en waar nodig zelf begeleiding ondersteuning bieden. Alleen in die situaties waarin dit niet mogelijk is, verwijzen zij door naar een specialistische zorgaanbieder waardoor het aantal doorverwijzingen afneemt. Door betere regie van de wijkteams worden specialisten effectiever en efficiënter (korter, minder intensief) ingezet. Hiermee wordt een relatief duur specialistisch traject voorkomen, zonder aan kwaliteit in te boeten.

Naast de wijkteams zijn er andere partijen die een rol hebben in de toegang tot hulp en ondersteuning, zoals Indebuurt033 (voor het geven van informatie en advies), de gemeentelijke afdeling Werk, Inkomen en Zorg (voor inkomensondersteuning, dagbesteding en arbeidsintegratie en voorzieningen op het gebied van wonen en vervoer) en Stadsring51 (voor schuldhulpverlening). Sinds begin 2020 werken deze partijen samen om de toegang tot het sociaal domein verder te verbeteren door de krachten te bundelen in een gezamenlijk Triageteam Sociaal Domein. Dit krijgt in 2021 verder vorm.

Van intensievere samenwerking is ook sprake bij de uitvoering van de zogeheten 'doorbraakaanpak' bij complexe casuïstiek. Het doel is om huishoudens die met complexe problemen te maken hebben beter, sneller en tegen lagere kosten te helpen. Bovendien wordt, op basis van analyse van knelpunten en oplossingen, de uitvoering van beleid en systemen waar mogelijk verbeterd.

Tot slot werken wijkteams, huisartsen en jeugdgezondheidszorg aan de verbetering van de samenwerking, o.a. door uitbreiding van de functie van de POH-Jeugd. Door de huisartsenpraktijk te versterken met een POH-Jeugd krijgt de zorg voor jeugdigen en hun ouders/verzorgers efficiënter vorm. De instroom naar de specialistische jeugdhulp wordt hiermee beperkt.
Genoemde activiteiten maken onderdeel uit van de maatregelen 'Transformatie, betaalbaarheid van ondersteuning en zorg'. Afspraken met de betrokken partijen borgen wij in een Zorgakkoord.

2.1.3. Specialistische zorg en ondersteuning

1

1.1 Binnen het sociaal domein zijn wij als gemeente verantwoordelijk voor dienstverlening aan onze inwoners op het gebied van zorg en ondersteuning aanvullend op de inzet vanuit de wijkteams en de sociale basisinfrastructuur. Wij sluiten daarvoor (inkoop-) contracten en verstrekken subsidies met zorgaanbieders. Zorg wordt geleverd vanuit de kwaliteitseisen zoals opgenomen in de aanbestedingen en tegen een redelijke prijs.

1.2 Wij zien nog steeds stijgende wachttijden en -lijsten bij met name jeugdhulp aanbieders. Aangezien we veel aanbieders hebben gecontracteerd op met name ambulante behandeling jeugd, is er altijd een alternatief, tenzij iemand wil wachten op een zorgaanbieder naar keuze.

1.3 Voor de kinderen/jongeren met complexe ondersteuningsvragen hebben we meerjarige regionale afspraken met het samenwerkingsverband van Breed Spectrum Aanbieders (BSA). Samen met BSA werken we de komende jaren aan het verbeteren van de specialistische jeugdhulp voor deze doelgroep. De transformatie richt zich o.a. op het versterken van de ambulante hulp door inzet van nieuwe gebiedsgerichte ambulante teams en de ombouw van de zwaardere verblijfsfuncties.

1.4 Wij willen meer en betere samenwerking tussen gemeente, zorgverzekeraar en daarbij behorende samenwerkingspartners en gecontracteerde aanbieders. Hiertoe bereiden wij een Zorgakkoord voor tussen ketenpartners uit het sociaal en medisch domein.

1.5 We blijven werken aan het verbeteren van goede en tijdig beschikbare sturings- en verantwoordingsinformatie, zonder dat dit leidt tot verhoging van de administratieve lasten. Hierdoor zijn we beter in staat gesprekken te voeren met aanbieders over de geleverde ondersteuning vanuit het opdrachtgeverschap.

2. Meer mensen functioneren zo zelfredzaam mogelijk en krijgen daarbij zo nodig hulp en ondersteuning.

2.1 De gecontracteerde aanbieders hebben de opgave om met hun inzet van zorg en ondersteuning volwassenen/jeugdigen en hun netwerk te versterken in hun zelfredzaamheid. Dat betekent waar nodig afstemming en samenwerking met de wijkteams. In elke aanbesteding is een ontwikkelopgave opgenomen die gericht is op transformatie en innovatie in het zorglandschap inclusief afspraken hoe zorgaanbieders daaraan bijdragen.  
Door maatregelen als minder beschikken door wijkteams en de inzet van een PraktijkOndersteunerHuisartsenzorg (POH)  voor jeugdigen bij huisartsen zal de behoefte aan specialistische zorg en ondersteuning naar verwachting de komende periode afnemen.

3. Meer ouderen en inwoners met een beperking wonen (langer) zelfstandig.

3.1 Zelfstandig wonen:

Ondanks uitbreiding van het aantal plekken Beschermd wonen en Begeleid wonen en het vaststellen van het Deltaplan wonen is passende huisvesting nog steeds onvoldoende beschikbaar voor verschillende doelgroepen [ouderen, jongeren, GGZ]. Voorbeeld hiervan zijn jongeren met een beperking die hierdoor niet kunnen uitstromen uit de jeugdhulp. Deze stagnatie in beschikbaarheid van passende huisvesting leidt geregeld tot nieuwe problemen en toename van inzet op zorg. Voorbeelden hiervan zijn: huisvestingsproblemen die leiden tot disfunctioneren en noodzaak tot begeleiding/schuldhulpverlening, langere opname in residentiële jeugdhulp dan nodig is of dakloosheid en noodzaak tot uitbreiding maatschappelijke opvang. In 2019 is het Deltaplan wonen vastgesteld. Het statement wonen en zorg "Amersfoort een thuis voor iedereen" uit 2018 heeft daarin de basis gelegd voor het realiseren van woningen voor mensen met een ondersteuningsbehoefte.
3.2 Inzet specialistische maatwerkvoorzieningen                        Inwoners die zelfstandig wonen, maar hierbij wel ondersteuning nodig hebben, kunnen bijvoorbeeld hulp bij het huishouden, ambulante begeleiding, vervoer of dagactiviteiten aanvragen. In 2021 is er een nieuwe aanbesteding voor dagactiviteiten en dyslexie. Een deel van de dagactiviteiten zal worden uitgevoerd in de sociale basisinfrastructuur.
3.3 Cultuurspecifieke zorg                                        De raad heeft het college verzocht (094M) om ervaring op te doen voor het bieden van ondersteuning aan ouderen met een migrantenachtergrond in de eigen taal en cultuur. Op dit moment voert NOOM een onderzoek uit. De resultaten van het onderzoek worden in het eerste kwartaal 2021 gepubliceerd.

4. Meer mensen zijn sociaal weerbaar.

4.1 Activiteiten zijn verwerkt in andere activiteiten die hierboven genoemd zijn.

5. Meer jeugdigen groeien op in een veilige en positieve gezinssituatie.

5.1 Jeugdigen moeten zolang en zoveel mogelijk kunnen opgroeien in een veilige gezinsomgeving. Ons beleid en vervolgens bijbehorende inkoop van zorg, is erop gericht om meer kleinschalige gezinsvormen te bieden waaronder ook alternatieve vormen van residentiële zorg. Deze opgave maakt onderdeel uit van de collectieve transformatie opgave die onderdeel uitmaakt van de afspraken met de zeven jeugdhulpaanbieders (breed spectrum, zie hierboven).

6. Meer jeugdigen ontwikkelen zich optimaal.

6.1 Activiteiten zijn verwerkt in andere activiteiten die hierboven genoemd zijn.

2.1.4. Bescherming en veiligheid:

1. Meer volwassenen leven in een veilige (thuis) situatie.

1.1 We werken vanuit het beleidskader Opvang en Bescherming aan een ondersteuningscontinuüm van preventie, toeleiding, ondersteuning met waar nodig verblijf en nazorg.
1.2 Per 1 januari 2022 wordt volgens de huidige landelijke planning het budget voor Beschermd Wonen verdeeld over alle gemeenten en niet meer alleen over de centrumgemeenten. In 2021 maken wij met de regiogemeenten, aanbieders en cliënten afspraken over:
1.3 Welke vormen en locaties van beschermd wonen er in de regio Amersfoort nodig zijn na 2022 en waar deze zich in de regio bevinden.
1.4 Op welke wijze ambulante vormen van ondersteuning (waarbij de 24-uurs bereikbaarheid een belangrijke voorwaarde is) voorkomen dat mensen in een intramurale BW-setting instromen dan wel dat mensen eerder naar een reguliere woonplek uitstromen.
1.5 Op welke wijze in de regio Amersfoort financiële samenwerking vorm krijgt om de kosten voor de voorzieningen voor Beschermd wonen te dekken en te bepalen wat de financiële bijdrage is van elke regiogemeente per jaar.
1.6 We zetten in op versnelling van de door- en uitstroom uit de maatschappelijke opvang, zodat zo effectief mogelijk wordt omgegaan met opvangplekken. Daartoe realiseren we voor eind 2021:
1.7 Een gemengd wonen concept voor onder meer uitstroom uit de maatschappelijke opvang.
1.8 Een corporatiehotel of andere vorm van een tijdelijke opvang/woonplek.
1.9 Een andere vormgeving van de toegang tot de opvang zodat sneller tot een integraal plan te komen is voor mensen die dakloos zijn (of dreigen te worden).
1.10 Ook continueren we de inzet om te voorkomen dat mensen dakloos worden door waar nodig aanvullende maatregelen te nemen op het gebied van preventie.
1.11 We werken met partners verder aan een sluitende aanpak voor mensen met verward gedrag; onder andere door:

  • Uitvoering van de gemeentelijke taken in de Wet verplichte GGZ en afstemming daarover met partners.
  • Continueren van de samenwerking met partners uit het GGZ- en Wmo-domein in de transformatiewerkplaats Mensen met een psychische kwetsbaarheid. In aanvulling op de inzet op beschermd wonen en opvang ligt de focus op:
  • Onderhouden en verbeteren van samenwerkingsafspraken, gericht op continuïteit in trajecten van cliënten op alle levensgebieden, bij overgangen over de domeinen heen (GGZ/WLZ/Wmo/forensich)
  • Verkenning van mogelijkheden om zorg te verbeteren voor een beperkt aantal mensen met verward gedrag, met veelal bijkomende problemen op verschillende leefgebieden, die niet in zorg (vanuit de ZvW) willen en niet vanuit de Wmo willen worden begeleid, en waar bemoeizorg ook moeizaam verloopt.
  • Samen met regiogemeenten en partners komen tot een breed toegankelijk regionaal netwerk van op herstel gerichte activiteiten voor mensen met een psychische kwetsbaarheid.
  • Een project van Indebuurt033 gericht op het versterken van ondersteuning mantelzorgers GGZ.
  • Continuering van de samenwerking in het Zorg- en Veiligheidshuis voor mensen met verward gedrag met een gevaarsrisico.
  • We volgen de borging van het GGZ-vervoer door de RAVU en GGZ Centraal  

De inzet op huiselijk geweld onder volwassenen voor dit doel staat nader beschreven onder 2.

2. Meer jeugdigen groeien op in een veilige en positieve gezinssituatie.  
3. Meer volwassenen leven in een veilige (thuis) situatie.

2.1 Wij voeren de in 2020 geactualiseerde regiovisie huiselijk geweld en kindermishandeling van de twee centrumgemeenten Utrecht en Amersfoort  en de zes Utrechtse jeugd/Wmo regio’s uit. Daarin maken wij onze regionale vertaling van het landelijk Actieplan “Geweld hoort nergens thuis” en waar passend ook het landelijke programma “Zorg voor jeugd”.
2.2 We investeren blijvend in de goede samenwerking tussen Veilig Thuis, SAVE-teams (geïntegreerde jeugdbescherming en jeugdreclassering), de Raad van de Kinderbescherming, wijkteams en de veiligheidsketen. Met de zes samenwerkende Jeugdregio's nemen we deel aan de landelijke overleggen over vereenvoudiging van de Jeugdbeschermingsketen
3.1 We geven met onze partners uitvoering aan de verbeterde Wet meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling.
3.2 We continueren de samenwerking tussen Wmo partners GGZ en de veiligheidsketen voor complexe langdurig onveilige situaties (MDA++) in het zorg en veiligheidshuis in nauwe samenwerking met Veilig Thuis en het Centrum voor Seksueel Geweld (CSG)

1.1.5. Diversiteit, integratie en toegankelijkheid

1.

1.1 We blijven stelling nemen tegen racisme en discriminatie. Dit uit zich in een preventieve en repressieve aanpak. Eind 2020 leggen we de Raad de antidiscriminatienota ter goedkeuring voor. In 2021 en verder geven we uitvoering aan de nota.

1.2 We stimuleren gemeentebreed binnen regulier beleid aandacht voor diversiteit en inclusie, in de gemeentelijke organisatie, in uitvoerende organisaties en bij werkgevers.

2. Meer ouderen en inwoners met een beperking wonen (langer) zelfstandig.

2.1 We werken integraal aan een toegankelijke stad en voeren jaarlijks een agenda toegankelijkheid uit. Die in samenwerking met ervaringsdeskundigen wordt opgesteld. Op verzoek van de Raad (095M) zal door middel van een separaat directiebesluit worden verzocht om activiteitenbudget in te zetten om toegankelijkheid vanaf 2021 structureel als beleidsterrein op te nemen.

3. Meer mensen zijn sociaal weerbaar.

3.1 In 2021 blijven we aandacht houden voor het voorkomen van polarisering en radicalisering.
In 2021 voeren we de regenboogagenda uit en ontwikkelen we deze verder.

4. Meer mensen beheersen het Nederlands en hebben kennis van de samenleving.

4. In 2021 zetten we pilots in ter voorbereiding op de nieuwe wet Inburgering. Tevens continueren we het stedelijk netwerk Integratie. Per 1 juli 2021, als de nieuwe wet ingaat, zijn we klaar om de vernieuwde uitgangspunten m.b.t. inburgering (o.a. de B1-, onderwijs- en zelfredzaamheidsroute) uit te voeren.   

1.16. Werk en Inkomen

1 Minder volwassenen en kinderen ervaren financiële belemmeringen om mee te doen.

1.1 We breiden ons digitaal platform www.geldcheck033.nl voor de toegang tot onze minimaregelingen en regelingen van partners in de stad verder uit. We zetten intensief in op online en offline zichtbaarheid om volwassenen en kinderen die opgroeien in armoede te bereiken.
1.2 Daarnaast zetten we in op het versterken van de effectiviteit van ons financieel vangnet, de schuldhulpverlening en onze persoonlijke dienstverlening. Dit doen we onder andere door trainingen stress sensitieve dienstverlening te organiseren voor alle ketenpartners die dit willen, te leren van 'klantreizen', ondersteunen bij het vergroten van het huishoudinkomen van niet-uitkeringsgerechtigden en te verkennen hoe we ervaringsdeskundigheid kunnen inzetten.
1.3 Op basis van de uitkomsten van het Nibud-onderzoek 2020, waaruit is gebleken dat onze maatregelen tot een verbetering van de inkomenspositie van alle onderzochte huishoudens heeft geleid, nemen we aanvullende maatregelen om de armoede te bestrijden en de armoedeval te verminderen.
1.4 De huiswerkbegeleiding, gestart in 2018, is geëvalueerd en blijkt succesvol. Om kinderen uit gezinnen met een laag inkomen alle kansen te geven zich te ontwikkelen, continueren we in 2021 de huiswerkbegeleiding.
1.5 Om te voorkomen dat problematische schulden ontstaan versterken we onze aanpak om financiële problemen zo vroeg mogelijk te signaleren en op te lossen. Daarbij werken we samen met energieleveranciers en lokale woningcorporaties om schulden te signaleren en aan te pakken. Conform de nieuwe wet Gemeentelijke schuldhulpverlening (ingaand per 1-1-2021) volgen we daarbij elk signaal van een betalingsachterstand op. Bij dure scheefhuur wordt gezocht naar een maatwerkoplossing i.s.m. de corporatie.
1.6 We bieden alle inwoners optimaal toegankelijke en kosteloze schuldhulpverlening, zonder voorwaarden vooraf. We verwachten een boeggolf aan aanvragen voor schuldhulpverlening als gevolg van de huidige recessie. We werken daarbij ook met het verstrekken van saneringskredieten vanuit het Herstructureringsfonds. Deze inzet monitoren we en daarop sturen we bij. Verder onderzoeken we of er voldoende mogelijkheden zijn om inwoners te ondersteunen bij het oplossen van kleine schulden. We verbeteren het proces rondom bewindvoering door te sturen op minder instroom en de inzet van alternatieve interventies, het vergroten van de uitstroom uit bewindvoering en advisering aan de rechtbank over de juiste interventie als om bewind wordt gevraagd.
1.7 We verbinden de beleidsvelden 'inkomen' en 'gezondheid'.

2. Meer mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt werken (incl. sociale activering en dagbesteding).

2.1 Met het actieplan 'Arbeidsmarktregio Amersfoort werk(t) voor iedereen' zijn regionale afspraken gemaakt over een intensievere samenwerking met UWV, werkgevers- en werknemersorganisaties en onderwijsinstellingen om meer werkzoekenden met afstand tot de arbeidsmarkt duurzaam te plaatsen. Via het Werkbedrijf arbeidsmarktregio Amersfoort sturen wij op de te behalen resultaten. Met alle partners stellen we een Toekomstagenda voor het regionaal Werkbedrijf op voor de komende vijf jaar.
2.2 We hebben extra aandacht voor mensen met een arbeidsbeperking, statushouders, ouderen (50+) en jongeren. Naar aanleiding van de coronacrisis zijn ook initiatieven ontwikkeld gericht op een snelle en effectieve matching van de nieuwe instroom in de WW en bijstand, door bijvoorbeeld meer digitale mogelijkheden te benutten.
2.3 Als regionale uitvoeringsorganisatie heeft het Werkgeversservicepunt regio Amersfoort (WSP Amersfoort) een belangrijke plek in de uitvoering van het actieplan. Het WSP is de plek voor zowel werkgevers en werknemers voor informatie en bemiddeling. De in het actieplan benoemde resultaten realiseren we bovenop de targets van het WSP.

3. Meer organisaties en werkgevers zijn betrokken bij maatschappelijke vraagstukken.

3.1 Met het genoemde actieplan (zie 6.2) zetten we in op een groter netwerk aan werkgevers en een grotere bekendheid met onze werkgeversdienstverlening. Dit doen we door een intensieve campagne vanuit het Werkgeversservicepunt Amersfoort (WSP) waarbij ook maatschappelijk verantwoord ondernemers (ambassadeurs van de campagne) anderen inspireren.
3.2 We stimuleren sociaal ondernemerschap, in het bijzonder als dit werkgelegenheid creëert voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. We bieden daarom actief onze diensten aan om werkgevers te ondersteunen in het creëren en begeleiden van werkplekken voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt.
3.3 Het Werkgeversservicepunt geeft handreikingen aan werkgevers om met sociale- en technologische innovaties de kwetsbare doelgroep aan een baan te helpen en/of te houden. Hierbij benutten we de expertise en innovaties van RWA/Amfors.
3.4 Bestaanszekerheid is een voorwaarde voor zelfredzaamheid en participatie. Werkgevers  attenderen we op ons financieel vangnet en stimuleren we om onze minimaregelingen onder de aandacht van hun werknemers te brengen.

4.  Meer mensen functioneren zo zelfredzaam mogelijk en krijgen zo nodig hulp en
ondersteuning.

4.1 Door drempels weg te nemen in onze dienstverlening en gerichte communicatie-acties in te zetten maken we ons financieel vangnet en onze minimaregelingen bereikbaarder voor verschillende doelgroepen.
4.2 Als er sprake is van onvoldoende zelfredzaamheid zetten we minimacoaches in. Zij ondersteunen mensen in hun zelfredzaamheid en stimuleren ze om zoveel mogelijk te participeren. Ze gaan uit van wat mensen zelf kunnen. Activeringstrajecten zetten we in als er sprake is van onvoldoende participatie of ‘grip op eigen leven’.

5. Minder mensen zijn sociaal geïsoleerd of

eenzaam.

5.1 Iedereen wil op een volwaardige manier betrokken worden bij de samenleving. We streven ernaar dat iedereen naar vermogen kan participeren in de samenleving. We kennen onze inwoners met een bijstandsuitkering en stimuleren en motiveren iedereen naar vermogen sociaal en/of maatschappelijk actief te zijn. Dat kan afhankelijk van de mogelijkheden, motivatie en kansen op de arbeidsmarkt van de betrokkenen gaan om (vrijwilligers)werk, dagbesteding of andere vormen van sociale participatie. We spreken iedereen met een bijstandsuitkering minimaal twee keer per jaar.

Deze pagina is gebouwd op 12/09/2020 13:28:21 met de export van 11/24/2020 14:10:26